ADSL
ADSL (Asymmetric Digital Subscriber Line) gebruikt het gewone analoge telefoonnet. Daarbij worden frequenties gebruikt die veel hoger zijn dan die van stemgeluid. Via die hoge frequenties vindt het dataverkeer plaats. Er is een splitter nodig om beide signalen uit elkaar te halen. Er is een ADSL-modem nodig om de transmissiesnelheid te verhogen.
De snelheid van het geheel varieert van 2 tot 20 Mbit/s naar de abonnee en 0,2 tot 1 Mbit/s naar de provider. Het woord asymmetric geeft aan dat deze twee snelheden niet gelijk zijn. Daarom is ADSL ook niet geschikt voor spraak. Een ADSL-verbinding is in principe overal mogelijk waar een telefoonverbinding voorhanden is

Ga terug naar vorige pagina